4. Nieuwe energie voor de economie in 2015

4.1 Friese economie is over volle breedte versterkt, is verbreed en vernieuwd

Staat

Sinds twee jaar is in Nederland sprake van een negatieve economische groei. Deze neergang is in Fryslân hoger dan het Nederlands gemiddelde. In 2012 bedroeg de afname in Fryslân 1,5% en in 2013 naar verwachting 0,9%. Voor 2014 wordt nog een kleine daling verwacht van 0,2%, gevolgd door een kleine groei in 2015 van 0,9%. Sectoren die extra van de crisis te lijden hebben betreffen onder andere de bouw (- 8,1% tussen 2012 en 2013) en de sector recreatie & toerisme.

Volgens voorlopige cijfers uit het Provinciaal werkgelegenheidsregister 2014 waren er op 1 april 2014 in Fryslân 220.905 voltijdsbanen (minimaal 15 uur). Dit betekent een krimp van 1,3% (2.920 banen) ten opzichte van 2013. Het verlies van het aantal banen volgt op de vorige daling van 1,6% in 2013. Vooral de werkgelegenheid in de financiële sector is fors gedaald. Ook in de sectoren handel, bouw, onderwijs en overheid was sprake van een redelijke werkgelegenheidsafname. Bij de zorg, industrie en landbouwsector trad een klein baanverlies op. Alleen de zakelijke dienstverlening kende een banengroei. De economische crisis is nog steeds sterk waarneembaar in de Friese economie.

Terwijl het bedrijfsleven langzaam herstelt van de crisis, moet in de collectieve sector (zorg en welzijn, overheid) rekening worden gehouden met werkgelegenheidsverlies in de komende jaren als gevolg van overheidsmaatregelen. De werkgelegenheid bij financiële instellingen, de industrie en de landbouw zal ook verder krimpen.

Augustus 2014 telde Fryslân 34.411 niet-werkende werkzoekenden, dit is 11,5% van de beroepsbevolking. Landelijk was 10,1% van de beroepsbevolking op zoek naar werk. Tussen 1e kwartaal 2013 en 1e kwartaal 2014 groeide het aantal werkzoekenden met 6.200.

Het gemiddeld besteedbaar inkomen per huishouden is in Fryslân in de periode 2008-2010 met gemiddeld € 400 euro afgenomen.

Inzet

Op 19 september 2012 hebben de Staten ingestemd met de Economische beleidsvisie Groen, Slim en Grensverleggend. De Friese beleidsinzet is gestoeld op vijf prioriteiten: duurzame energie, watertechnologie, recreatie & toerisme, agrofood en zorgeconomie. Met deze thema’s hebben we aansluiting gezocht bij het landelijke Topsectorenbeleid. Voor alle thema’s zijn uitvoeringsprogramma’s vastgesteld in de periode 2012-2014. In deze programma’s willen we onze ambitie om de innovatiekracht van het bedrijfsleven te versterken realiseren op de voor Fryslân belangrijke speerpunten watertechnologie, duurzame energie, agribusiness, metaal, zorgeconomie en toerisme & recreatie.

Op het gebied van technologie hebben we in 2012 een bijdrage van € 38 miljoen uit REP-middelen verleend aan Wetsus, centre of excellence for sustainable watertechnology. Het doel is dat Wetsus, onderdeel van de Watercampus Leeuwarden, zich kan ontplooien tot een van de drie wereldwijde centra voor watertechnologie, met minimaal 200 kenniswerkers in 2020.

Verder zijn we aan de slag gegaan met enkele specifieke aandachtsvelden, waaronder University Campus Fryslân, economie-arbeidsmarkt en breedband. Ook hebben we bijgedragen aan de totstandkoming van het Innovatiecluster Drachten. Zie over de innovatieclusters verder paragraaf 1.6.

Bij de vaststelling van de economische beleidsvisie hebben we besloten het voorgenomen Fries Ontwikkelbedrijf niet verder te ontwikkelen. Reden is dat er met de inrichting van verschillende andere omvangrijke fondsen (Energiefonds FSFE, Doefonds, Wurkje foar Fryslân) in eerste instantie voldoende ontwikkelcapaciteit en fondsen zijn opgericht.

In 2014 zijn we begonnen met de uitvoering van Wurkje foar Fryslân. Dit extra investerings-programma van € 300 miljoen zet in op het versterken van de Fries economische structuur. Met dit programma willen we een werkgelegenheidstoename bewerkstelligen van 1600 tijdelijke arbeidsjaren t/m 2016 en 2000-5000 vaste arbeidsplaatsen tot en met 2020. Dit doen we door te investeren in het innovatievermogen, in het realiseren van bedrijfsfinanciering, in het menselijk kapitaal, in het organiserend vermogen en in de aantrekkelijkheid van de leefomgeving. Met de ondernemersimpuls vanuit Wurkje foar Fryslân stellen we nog eens € 5 miljoen voor leningen aan het MKB beschikbaar.

We hebben actief ingezet op de vestiging van zuivelbedrijven in Heerenveen (A-ware en Fonterra). Dit is goed voor de werkgelegenheid en passend bij waar Fryslân sterk in is.

Einbalâns:  rood

De Nederlandse economie klimt langzaam uit het dal, de Friese economie loopt daarin wat achter. Met onze (financiële) inspanningen leveren we belangrijke impulsen aan de werkgelegenheid en aan de versterking van de economische structuur en innovatievermogen over de volle breedte op de langere termijn.

4.2 Drie p’s zijn het uitgangspunt beleid. in 2012 zijn we Millenniumprovincie en in 2015 Fair Tradeprovincie

Staat

Vanaf 2012 voldoet Fryslân aan de doelstellingen voor een Millenniumprovincie. In 2014 waren 4 gemeenten Fair Tradegemeente.  Voor 2014 werd verwacht dat 50% van de Friese gemeenten actief met Fair Trade bezig is en dat 25% de Fair Tradetitel heeft behaald. Dit doel is niet gehaald.

Inzet

Duurzaamheid zit in de bloedvaten van al ons beleid en uitvoering. De drie p’s zijn vertaald in de vormgeving van onze organisatie, in ons inkoopbeleid en in onze economische beleidsvisie. Biobased economy (BBE) is het overkoepelend thema van het economisch beleid en wordt onder andere in het Frysk Miljeuplan, het Uitvoeringsprogramma Agrofood en enkele maatregelen uit Wurkje foar Fryslân verder uitgewerkt.

We geven uitvoering aan het plan van aanpak Fryslân Millennium Provincie 2012 en streven het behalen van de titel Fair Tradeprovincie na. Het doel hiervan is dat 75% van de Friese gemeenten actief bezig met Fair Trade en dat 45% de gemeentelijke Fair Tradetitel behaalt. Het behalen van de titel Fair Tradeprovincie vergt echter een traject van langere adem. Als gevolg van de vele bezuinigingen hebben gemeenten andere prioriteiten gesteld.

Einbalâns:  geel

De provincie gedraagt zich naar de 3p’s, zowel met betrekking tot het bedrijf als met betrekking tot het beleid en de uitvoering. Fryslân is sinds 2012 Millenniumprovincie. De ontwikkeling naar Fair Tradeprovincie  gaat door, maar minder snel dan we hadden gehoopt.

4.3 Positie midden- en kleinbedrijf is versterkt

Staat

Ruim 90% van het Friese bedrijfsleven valt onder het midden- en kleinbedrijf. Bedrijven en instellingen met één tot 250 werkzame personen vallen onder het MKB. Exclusief de landbouw gaat het om 47.589 MKB-ondernemingen en 77 ondernemingen met meer dan 250 fulltime medewerkers, het zogenaamde grootbedrijf. De grotere bedrijven zijn voornamelijk grote gezondheidsinstellingen, overheidsinstanties en industriële bedrijven. Opvallend is dat in de regio Heerenveen zich onlangs grote internationale spelers in de zuivelindustrie hebben gevestigd.

De werkgelegenheidsontwikkeling in het mkb is de laatste jaren minder gunstig dan in de grotere bedrijven.

Inzet

We hebben een Doefonds opgericht en daaraan een risicodragend startkapitaal van € 8 miljoen toegekend. Het doel van de Doefonds BV is het versterken van de economische structuur en uitbouw van de werkgelegenheid in Fryslân door stimulering van innovatie bij het MKB (combinatie van financiële en strategische ondersteuning). Het Doefonds is vanaf april 2014 operationeel. Het beheer is uitbesteed aan de NOM. Eind 2014 was de eerste financiering verleend. In 2015 wil het Doefonds zeven leningen en drie participaties aangaan.

We hebben het investeringsprogramma Wurkje foar Fryslân vastgesteld. Hierin zijn instrumenten opgenomen, waarin wordt ingespeeld op de groeiende financieringsbehoefte van MKB-ers, waar banken tegenwoordig minder snel overgaan tot kredietverstrekking.

We hebben ons aanbestedingsbeleid aangepast om de kans op opdrachten voor kleinere bedrijven te vergroten.

Einbalâns:  geel

Het Friese mkb lijkt meer te lijden van de economische ontwikkeling dan de grotere bedrijven. Het Doefonds en Wurkje foar Fryslân komen op gang. Dit betekent een duw in de rug voor het Friese MKB.

4.4 Recreatie en toerisme zijn toegenomen

Staat

Sinds het uitbreken van de economische crisis in 2008 is de Friese werkgelegenheid in de sector Recreatie en Toerisme afgenomen van 19.800 naar 18.400 banen in 2013. Een verlies van 1400 banen, vooral in de horeca en de jachtbouw. Met inbegrip van indirecte effecten is 8,8% van de Friese werkgelegenheid afhankelijk van recreatie en toerisme.

De gemiddelde besteding per dag per persoon is in Fryslân in de afgelopen 10 jaar met 18% gestegen naar 31 euro per dag in 2013 (landelijk 26 euro). De totale bestedingen in de toeristische sector bedragen in Fryslân jaarlijks ca. € 1 miljard. In 2013 bezochten ruim 1,4 miljoen toeristen Friesland. Dat is een stijging van vier procent vergeleken met 2012.

Inzet

We willen de werkgelegenheid in de sector recreatie en toerisme laten groeien. Op 27 maart 2014 hebben we de uitvoeringsnota Gastvrij Fryslân 2014-2017 vastgesteld. De nota bestaat uit vier kernthema’s: internationalisering, versterking recreatieve basisinfrastructuur, kwaliteitsverbetering en duurzaamheid, innovatie. Deze nota voeren we uit langs verschillende programmalijnen: Fryslân Topattractie, Wadden, Elfsteden, Friese Wouden.

In het kader van de Investeringsagenda Wurkje foar Fryslân stimuleren we de uitrol van vuilwater-afvoersystemen in havens, extra investeringen in de verduurzaming en kwaliteitsverbetering van de bedrijfsvoering in de sector. Via de STINAF regeling heeft een provinciale bijdrage van € 3,5 miljoen een investering uitgelokt van € 37 miljoen in de verbetering van de kwaliteit van verblijfs-accommodaties  in de sector.  Daarnaast hebben we ingezet op de beschikbaarheid van Wifi in de publieke ruimte in toeristische gebieden. In maart 2014 hebben wij de Subsidieregeling Wifi-netwerken op toeristische locaties gepubliceerd. In het kader van deze regeling kunnen 47 door ons aangewezen toeristische locaties voor subsidie in aanmerking komen voor de realisatie van een wifi-netwerk. Hiermee willen we de (digitale) dienstverlening aan de toeristen verder verbeteren. Eind 2013 waren 7 plaatsen voorzien van gratis Wifi.

Het Friese Merenproject voeren we op basis van het Uitvoeringsprogramma 2011-2015 uit langs drie programmalijnen: grenzeloos varen, stimuleren bestedingen aan de wal, mitigatie, ecologie en duurzaamheid. Het provinciale aandeel in het totale programma van € 225 miljoen bedraagt € 92 miljoen. Het Friese Merenproject wordt in 2015 beëindigd.

Het doel is 30% meer werkgelegenheid in de sector ten opzichte van het startjaar 2000 van het Friese merenproject. Tussen 2000 en 2009 is de werkgelegenheid in de Friese watersport gegroeid met 22,7% (cijfers 2009). In banen uitgedrukt zijn dit 844 structurele banen (fulltime en parttime). Tussen 2008 en 2013 is de werkgelegenheid in de totale sector recreatie en toerisme overigens afgenomen met 1400 banen. Daarnaast heeft het Friese Merenproject de watersporter al veel opgeleverd: nieuwe vaarroutes, nieuwe vaargebieden, nieuwe aquaducten, nieuwe aanlegvoorzieningen, bruggen, sluizen en havens. Bovendien betekent dit minder wachttijden voor bruggen en sluizen.

Einbalâns:  geel

De sector recreatie en toerisme heeft meer dan gemiddeld te lijden van de economische teruggang. Bezoeken en bestedingen zijn in de bestuursperiode toegenomen, de werkgelegenheid niet. Onze inspanningen dragen bij aan de groei van de werkgelegenheid en de structuurversterking op langere termijn.

4.5 Europa draagt substantieel bij aan versterken Friese economie

Staat

In de periode 2007-2013 ontving Noord-Nederland € 169,4 miljoen aan Europese middelen voor het Europees fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO/Operationeel programma Noord), exclusief cofinanciering rijk. Voor de periode 2014-2020 is dit bedrag afgenomen tot € 103,5 miljoen voor het operationeel programma EFRO. Dit is een afname met 40 %. De bijdrage van het Rijk bedraagt € 18,5 miljoen.

De middelen voor het Interreg IVa –programma, dat betrekking heeft op economische samenwerking met het Duitse grensgebied, zijn voor de nieuwe periode daarentegen fors toegenomen met 60%. Voor de Nederlands-Duitse regio stelt de Europese Unie voor de periode 2014-2020 € 215 miljoen beschikbaar.

Inzet

In 2013 is het EFRO-programma (OP Noord)  geëindigd, dat het SNN in de periode 2007-2013 heeft uitgevoerd voor de economische versterking van het Noorden. Onze bijdrage aan de uitvoering van OP Noord bedroeg ruim € 29 miljoen. De doelstelling van het programma was versterking van het regionaal concurrentievermogen. In het belang van het vestigingsklimaat voor Leeuwarden en omgeving is bijvoorbeeld de uitbreiding van Groot Vijversburg in Tytsjerk vanuit OP Noord door ons meegefinancierd. Aan de totale  investering van € 6,2 miljoen is een EFRO-bijdrage verleend van € 2,8 miljoen; de provinciale cofinancieringsbijdrage  bedroeg € 0,9 miljoen.

Om toegang te houden tot de Europese economische middelen (EFRO) in de periode 2014-2020 is in SNN-verband de Regionale Innovatie Strategie for smart specialisation tot stand gekomen. De drie noordelijke provincies verenigen zich in de Noordelijke Innovatie Agenda (NIA). Met een gezamenlijke Duitslandagenda wordt de samenwerking met partners in Niedersachsen versterkt. In het programma Interreg IVa is ook ruimte voor projecten voor het Waddengebied of KH2018. De mogelijkheden voor Europese middelen voor KH2018 worden zo breed mogelijk verkend en in beeld gebracht.

Europa als facetbeleid (regelgeving, middelen, grensoverschrijdende samenwerking) maakt meer integraal deel uit van ons beleid. Binnen de provincie is een Fries Expertisecentrum Europa gevormd dat ook samenwerkt met de provincies Groningen en Drenthe en de vier grootste noordelijke gemeenten (G4). Wij hebben onze lobbyactiviteiten in Brussel (en Den Haag) fors geïntensiveerd. In de Friese en de noordelijke lobbystrategie is meer structuur aangebracht.

Einbalâns:  lichtgroen

Er blijven minder Europese middelen beschikbaar voor de Noordelijke en Friese economie dan in de vorige periode. Deze bijdrage is nog steeds substantieel. Voor KH2018 wordt ook ingezet op Europese middelen die buiten de traditionele economische fondsen liggen.

4.6 Kwaliteit basis- en hoger onderwijs, en aansluiting onderwijs op arbeidsmarkt, zijn verbeterd

Staat

Wat betreft de kwaliteit van het primaire onderwijs kijken we naar het aantal (zeer) zwakke scholen en het aantal drietalige basisscholen. Fryslân kent per 1 oktober 2014 16 zwakke scholen en 1 zeer zwakke school. Relatief gezien gaat het daarmee om respectievelijk 1,7% en 0,2% van de basisscholen. Daarmee ligt het percentage zwakke scholen iets onder het landelijk gemiddelde van 2%. Het percentage zeer zwakke scholen komt overeen met het landelijk gemiddelde. In 2013 hebben 2 Friese basisscholen het predicaat ‘excellente’ school gekregen.

Het aantal drietalige basisscholen ligt per september 2014 op 72 en het aantal twee- of Friestalige kindercentra staat op ruim 160.

Voor wat betreft de ontwikkeling van voortijdig schoolverlaters in het mbo-onderwijs is een dalende tendens waarneembaar.  In het schooljaar 2005-2006 was het percentage voortijdig schoolverlaters in het mbo onderwijs nog 8%. In het schooljaar 2011-2012 is dit percentage gedaald naar 5,7% en in het schooljaar 2012-2013 is 4,3% van de mbo-studenten voortijdig opgehouden met de opleiding. In zeven jaar is het percentage voortijdige schoolvertalers gehalveerd; een gunstige ontwikkeling.

Inzet

We zijn in 2007 met het project Boppeslach begonnen, voor het inlopen van de kwaliteits-achterstanden in het basisonderwijs. Sindsdien is de kwaliteit van het primair onderwijs in Fryslân aanmerkelijk verbeterd. Voor het schooljaar 2014/2015 is aan de laatste 120 Boppeslachscholen subsidie toegekend.

Samen met de gemeente Leeuwarden hebben we alle relevante partijen bij elkaar gebracht in een Bestuurlijk platform economie en arbeidsmarkt. Hierin bespreken we mogelijkheden van verbetering van de werking van de arbeidsmarkt.

We hebben samen met andere partijen het Innovatiecluster Drachten en het Centrum Duurzaam opgericht. Deze projecten zijn mede bedoeld om nieuwe markten te ontwikkelen, die aantrekkelijk en van belang zijn voor de (toekomstige) werknemers in onze provincie. Het Centrum Duurzaam is een samenwerkingsverband tussen de provincie (bijdrage € 2 miljoen) en ROC Friese Poort en is op 1 januari 2015 van start gegaan.

Voor het Programma University Campus Fryslân (UCF) 2010-2015 hebben we € 16,4 miljoen uitgetrokken. UCF heeft tot doel om met gerichte investeringen in academische activiteiten, de kennisinfrastructuur en kennisketen rond Fryske hotspots te versterken. In juni 2015 leggen we de Staten een voorstel voor de periode 2015-2020, op basis van het voorstel van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) om in Leeuwarden een 11e faculteit te vestigen. Intussen zijn drie masters ontwikkeld waaraan 90 studenten deelnemen en zijn 35 promotieplaatsen tot stand gekomen. Verder zijn vier andere masters in ontwikkeling. In een externe evaluatie is het UCF over het algemeen positief beoordeeld. Op 23 januari 2015 zijn de plannen gepresenteerd voor de ontwikkeling van de UCF tot universiteit, als elfde faculteit van de RUG. Naast het realiseren van nieuwe masteropleidingen is een belangrijk speerpunt om in Leeuwarden een internationaal residentieel University College te realiseren. Het University College wordt naar verwachting een brede driejarige bacheloropleiding op het gebied van Politics, Philosopy, Psychology and Economics waarbij de studenten op de campus wonen en studeren. Het University College moet groeien naar een opleiding met zo’n 600 studenten in het residential college en 400 studenten in de masteropleidingen. De masteropleidingen zijn en worden gerealiseerd in samenwerking met de andere universiteiten zoals de WUR, TU Twente en TU Delft.

Met het onderwijsveld (vmbo en mbo) en vijf technische branches ontwikkelen we plannen om de instroom in het Technisch Beroepsonderwijs in Fryslân te verhogen. Recent zijn er bestuurlijke stappen gezet om het Innovatiepact Fryslân te formaliseren als plaats waar onderwijs, overheid en bedrijfsleven richting geven aan de innovatiekoers van Fryslân. Dit is de plek bij uitstel waar onderwijs en bedrijfsleven met steun van de overheden elkaar ontmoeten en een gezamenlijke koers uitzetten voor een betere afstemming tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Een van de initiatieven is om de beroepsopleiding meer binnen bedrijven te laten plaats vinden.

Einbalâns:  geel

De achterstanden in de onderwijskundige kwaliteit in het primair onderwijs zijn nagenoeg ingelopen. De samenwerking tussen de gouden Friese driehoek (overheid, onderwijs en bedrijfsleven) is in ieder geval op mbo-niveau verbeterd. Het Friese HBO loopt het risico om de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt te missen. De University Campus Fryslân ontwikkelt zich de komende jaren tot elfde faculteit van de Rijksuniversiteit Groningen.

4.7 Beeld van Fryslân is versterkt

Staat

Fryslân is gestegen naar de derde plaats van de meest bekende provincie bij regiomarketing.

Inzet

Vanaf 2010 geven we naast toeristische marketing ook aandacht aan de bredere profilering van Fryslân. Sindsdien hebben wij de ontwikkeling ingezet naar een brede aanpak (toerisme, wonen, werken, studeren), waarbij versnippering wordt voorkomen.

We zetten in op een robuuste en slimme structuur voor regiomarketing. Het ondernemersplein Fan Fryslân hebben we per 31 december 2013 beëindigd. Op 1 januari 2013 is de Stichting Fryslân Marketing opgeheven en tijdelijk opgevolgd door de Stichting Beleef Friesland. Vanaf 1 oktober 2014 is één nieuwe organisatie verantwoordelijk voor marketing, productontwikkeling en gastheerschap: Stichting Merk Fryslân. Op basis van het Strategisch marketingplan hebben de Staten in december 2014 voor de periode 2015-2017 een tijdelijk budget van € 530.000 per jaar aan Stichting Merk Fryslân ter beschikking gesteld, waarmee de totale subsidiebijdrage uitkomt op een bedrag van € 1,2 miljoen. Na een evaluatie eind 2015 wordt door de Staten een besluit genomen over de vervolgfinanciering.

De doelstellingen op het gebied van toerisme zijn als volgt. In 2018 kennen 50 miljoen Europeanen Fryslân/Leeuwarden/Waddengebied, ontstaat een groei van 15% van het aantal buitenlandse bezoekers tussen 2015 en 2018 en behalen we een binnenlands marktaandeel van ten minste 10% en daarmee een positie in de top 5 van binnenlandse vakantiebestemmingen.

Eind 2014 is de frl-extensie in pilotvorm beschikbaar gesteld aan een eerste groep van 100 geïnteresseerden. Per 2 december 2014 is de website van onze provincie overgegaan naar www.fryslan.frl.

Einbalâns:  geel

Of het beeld van Fryslân in onze bestuursperiode is versterkt is lastig vast te stellen. We hebben de structuur van de regiomarketing versterkt. De Stichting Merk Fryslân zal zich naar onze verwachting als hét marketing(kennis)centrum van onze provincie ontwikkelen.